De Nederlandse overheid trekt zich steeds verder terug, zodat (overheids)instanties meer handelingsvrijheid krijgen. Die vrijheid levert enerzijds nieuwe kansen op, anderzijds ook bedreigingen.
Een betrouwbare inkomstenbron valt immers (voor een deel) weg, waardoor men meer afhankelijk wordt van de markt. De non-profit sector heeft daarmee te kampen met een toenemende concurrentie. Binnen het onderwijs zijn er grote veranderingen doorgevoerd. Het hoger onderwijs onderging bijvoorbeeld een transformatie met de invoering van het bachelor-/masterstelsel. Sportverenigingen zagen zich gekort op subsidies. Door het afbouwen van de subsidies en het vergroten van de marktwerking wordt een beroep gedaan op de vindingrijkheid van de non-profit sector. Om de toenemende concurrentie de baas te blijven vormt samenwerking ook hier een belangrijk begrip.
|